Tentoonstellingen


Françoise Magrangeas - Werk


Na vijftien jaar vooral kleurenlitho's gemaakt te hebben, begon ik in 1994 opnieuw met olieverf te schilderen. Lange tijd stond het geprepareerde- en- op- en- spieraam- gespannen- linnen me tegen :ik vind het prettig ,met de ondergrond waarop ik werk, direct contact te hebben, een "toucher" en ik vind het prettig , als de ondergrond deel uitmaakt van het beeld of van de "mis en scène" en de plaatsbepaling van het beeld.

Ik heb hier dikwijls mee geëxperimenteerd op papier, bij voorbeeld in een ouder werk als de linoleumsnede: "Moi, la tulipe" of in de litho :" M tu les petites danseuses" of in de serie litho's over stoelen ; en toen ik weer met schilderen begon, wilde ik al gauw hetzelfde doen.

Nu ik schilder , is het zo dat hoe meer het werk zich ontwikkelt, hoe minder ik genoegen kan nemen met de eerste worp, met een enkele kleurlaag. Voor mij is het noodzakelijk, om in opeenvolgende lagen te werken om de gewenste kwaliteit te bereiken: lichtheid, subtiliteit, de verfijning van bepaalde delen in contrast met aan zichzelf overgelaten plekken; dit streefde ik in de lithografie ook al na, door het toepassen van vele,tot negen à tien drukgangen.

Ik maak mijn schilderijen dikwijls als stilgezette beelden, vaste "mises en scène ".
De beelden zijn zwijgzaam en ik hou van die stilte, maar soms vind ik hem te stom, te woordloos en dan ontstaat de behoefte op het schilderij te schrijven, soms onder de verf, soms erop, soms ernaast. Ik gebruik voor mijn schilderijen soepele, geprepareerde katoen, dat ik op kan rollen of zelfs vouwen als gewone achterdoeken.

Mijn werk is figuratief, zoals het leven van alledag, zoals de dagelijks tegenslagen, de meevallers, de ontmoetingen... maar ook zoals foto's en stripverhalen. En ik hou ervan, als mijn schilderijen deel uitmaken van de verbeeldingswereld van een ander, dat ze dan beelden van die ander worden, zoals bijvoorbeeld in de fotoserie met de choreograaf Marcelo Evelin : " Un livre dans un livre " .

In 1990 ontdekte ik de wereld van de dans/theater, en dat was een "cultuurschok" voor mij, die mijn hang naar het theatrale versterkte maar ook mijn neiging tot een zeker voyeurisme . Sindsdien kan ik me mijn werk niet meer voorstellen als beginnende en eindigende in het atelier : al mijn activiteiten maken deel uit van mijn ontwikkeling : het zoeken van materiaal en idêeen, het ontwerpen van kostuums, daardoor in de nabijheid van dansers zijn, in de "underground" verkeren, niet alleen die van theaters, repetitie lokalen, maar ook in de "underground" van de produktie van een voorstelling, dat alles inspireert en stimuleert me .

In 1990 was het beslist voor mij tijd om mijn atelier uit te gaan ; om me te verbinden met andere creatieve milieus, die net zoals ik bezig hielden met het dooreenmengen van een bepaalde directe en intieme taal met het beeldende en het poëtische .....

 

 

 

Klik op een afbeelding voor een vergroting
tip7 tip7 tip7 tip7 tip7 tip7

Kunstenaars